Maatschappelijke opgave als ordenend principe voor interbestuurlijke samenwerking

Het Programma Sociaal Domein is bij uitstek het product van interbestuurlijke samenwerking. Niet verwonderlijk dus, dat er vanuit de programmaraad méér dan gemiddelde aandacht is voor het rapport ‘Als één overheid - slagvaardig de toekomst tegemoet!’. Met als gast voorzitter Bernard ter Haar van de studiegroep die het rapport samenstelde, organiseerde de Programmaraad een verdiepende sessie over de voetangels en klemmen bij interbestuurlijk samenwerken én de kansen die in het verschiet liggen. Ter Haar brengt een duidelijke boodschap mee: ‘Als samenwerkende overheden de maatschappelijke opgave écht centraal stellen, dan lopen de belangen vanzelf gelijk.’

Bernard ter Haar met het studierapport
©Ministerie BZK
Bernard ter Haar met het studierapport

Belangen van de één zijn de struikelblokken van de ander

Net als bij andere grote opgaven op de maatschappelijke agenda, is opereren als één overheid in het sociaal domein belangrijk. Dat is geen nieuws: hier wordt al jaren door alle mogelijke partners aan gewerkt. Zo ook in het Programma Sociaal Domein. Lastig is het wel. Beleid, uitvoering en financiering lijken soms niet naar elkaar toe- maar van elkaar af te bewegen. De van de één blijken de struikelblokken van de ander. Het rapport ‘Als één overheid - slagvaardig de toekomst tegemoet!’ onderzoekt hoe dit mis kan gaan en geeft praktische aanbevelingen voor verbetering.

Opgavegericht werken is de kern

Het sociaal domein kan volop aan de slag met de aanbevelingen, vindt Ter Haar. ‘Als voormalig Directeur Generaal Sociale Zekerheid bij het ministerie van SZW heb ik al gepleit voor een integrale aanpak binnen het sociaal domein en voor het leggen van verbinding met gemeenten en departementen.’ Opgavegericht werken en goed bedenken wat je in die opgave wil bereiken en wie je daarvoor nodig hebt, dat is kern, zo stelt hij.

Het onderwerp, zo schetst Ter Haar, is té belangrijk om er niet urgent mee aan de slag te gaan. Als voorbeeld noemt hij één van de drie casussen waar het rapport omheen gebouwd is: de ambulantisering van de GGZ. Een casus uit het sociaal domein, dus, waar in de loop van de tijd de feitelijke opgave behoorlijk uit beeld is geraakt.

Ter Haar: ‘De filosofie erachter is goed. Natuurlijk is het goed, als mensen gesteund worden om zoveel mogelijk in hun eigen vertrouwde omgeving te leven. Maar de werkelijkheid was wel dat de energie in dit geval meer is gaan zitten in de bezuinigingskant en in de reorganisatiekant van de GGZ en veel minder in het opbouwen van een structuur die ondersteuning biedt aan mensen om zo goed mogelijk te functioneren. We hebben mensen te weinig centraal gezet.’

Interbestuurlijke programmateams houden oog op de bal

Hoe organiseer je dat nou beter? Bernard ter Haar is een groot voorstander van het koppelen van interbestuurlijke programmateams aan heldere opgaves. Het idee hierachter is dat als je mensen uit hun eigen organisatie haalt en ze samen aan een opgave laat werken, ze minder ballast meenemen en het oog beter op de bal houden. Uiteraard moeten deze programmateams wel voldoende mandaat hebben. Zulke teams, die een brede, overstijgende agenda krijgen, kunnen echt als één overheid handelen, meent de studiegroep.

Gelijkwaardig partnerschap overheden

Behalve voor opgavegericht samenwerken, pleit de studiegroep die het rapport samenstelde voor het versterken van de regie om samenwerking te faciliteren en voor gelijkwaardig partnerschap tussen overheden. Dat laatste maakt bijvoorbeeld dat overheden veel krachtiger een gezamenlijke inzet kunnen presenteren. Het Programma Sociaal Domein heeft al behoorlijk wat op de rails staan dat past in het gedachtengoed van de studiegroep, aldus Ter Haar. ‘Maar’, voegt hij er aan toe, ‘Ik denk wel dat de speerpunten van het programma nog opgavegerichter kunnen, als basis voor een gezamenlijk op te stellen gedragen toekomstagenda.’

Werken aan een toekomstagenda

Annelies Kroeskamp is lid van de programmaraad Sociaal Domein en directeur Bestuur, Financien en Regio’s bij het ministerie van BZK. Ze zet uiteen dat er inmiddels al een marsroute is om snel en in dialoog met elkaar tot zo’n toekomstagenda voor het sociaal domein te komen.

Kroeskamp: ‘Het is echt van groot belang dat we aan de voorkant – en liever gisteren dan nu – nadenken over onze gezamenlijke agenda. Wat zijn de vragen, welke problemen willen we oplossen en daarbij vooral samen met alle partners optrekken. We werken toe naar een gedragen toekomstagenda sociaal domein. Daarbij starten we met een verdieping op een aantal thema’s, inclusief afspraken over hoe we denken de interbestuurlijke samenwerking te realiseren. Deze toekomstagenda kan dan tevens dienen als input voor het nieuwe Regeerakkoord.’

Samenwerken aan acute vraagstukken en visieontwikkeling

Tijdens de sessie is – mede aan de hand van het rapport en in de beslotenheid van de bijeenkomst – een analyse gemaakt van wat goed gaat en wat beter moet kan in twee recente cases uit het sociaal domein: de aanpak van de sociale effecten van de coronacrisis en de samenwerking aan een visie op ouderenzorg van 2020 naar 2040.

Uit de eerste casus komt enerzijds naar voren dat het uiterst lastig is om de snelheden van de verschillende overheden op elkaar afgestemd te krijgen. Anderzijds is het door samenwerking mogelijk om razendsnel een goede, bijna real-time informatiepositie op te bouwen die effectief handelen mogelijk maakt.

De casus over de samenwerking aan een visie op ouderenzorg van 2020 naar 2040 maakt duidelijk hoe belangrijk het is om naar ‘grote onderwerpen’ ook ‘groot’ te blijven kijken. De vele programma’s op dit gebied hebben bijvoorbeeld een aantal gedeeldeknelpunten, waarvan een toekomstig gebrek aan personeel mogelijk wel de meest uitdagende is. De kunst is vervolgens om je niet te laten verblinden door de omvang of moeilijkheid van het vraagstuk, maar om vanuit een gedeelde visie samen stapsgewijs vooruit te gaan.

Meer weten?

Het rapport ‘Als één overheid - slagvaardig de toekomst tegemoet!’ en alle toelichtende documentatie vind je hier.