Podcast #11: Een inclusieve arbeidsmarkt voor iedereen

We hebben in Nederland een groot publiek stelsel rondom werk. Denk aan wetgeving, sociale vangnetten voor wie geen werk heeft, begeleiding en scholing. In de afgelopen periode heeft de Commissie Regulering van Werk, ook wel bekend als de Commissie Borstlap, onderzoek gedaan naar de staat van de Nederlandse arbeidsmarkt.

In januari verscheen hiervan het eindrapport. In deze podcast vertelt commissielid Saskia Klosse, hoogleraar sociaal recht en lid van de SER, wat de commissie heeft gesignaleerd. Aangevuld door een praktijkverhaal van Joost Bruggeman van de gemeente Leiden en door de visie van Erik Dannenberg, directeur van Divosa, gaat ze in op de fundamentele kritiek van de commissie. En vervolgens op de vraag hoe we het uitkeringsbeleid echt productief maken. Hoe zorgen we ervoor dat iedereen de intrinsieke waarde van werk kan ervaren?

> Beluister via Spotify of iTunes

UWV

De regelsystemen rondom werk, arbeidsrecht, sociale zekerheid, scholingssystemen en fiscale maatregelen: is de samenhang van al deze dingen toekomstbestendig? Zijn er aanpassingen nodig? Dat was de onderzoeksopdracht van de Commissie Borstlap. Saskia Klosse: ‘Het uiteindelijke antwoord is dat het systeem rammelt aan alle kanten. Het doet niet waar het voor bedoeld is, namelijk bestaanszekerheid garanderen door mensen voldoende werk- en inkomenszekerheid te bieden.’

De commissie zag dat door inconsistente en buitengewoon ingewikkelde regels het stelsel tekortschiet en zorgt voor een maatschappelijke tweedeling tussen kansrijk en kansarm. Saskia: ‘Een tweedeling die schadelijk is voor de economie en de samenleving als geheel. En bovendien voor de mens ‘an sich’: werk heeft namelijk, door voor eigenwaarde en ontwikkeling te zorgen, een intrinsieke waarde. Mensen moeten op een volwaardige manier mee kunnen doen aan de samenleving. Als ze het niet op eigen kracht kunnen, moeten ze erbij worden geholpen.’

Menselijk kapitaal koesteren

Wat is er mis met het stelsel? Saskia: ‘Op het eerste gezicht niets. Het is in theorie gericht op activering. Maar in de praktijk gebeurt het omgekeerde – veel mensen staan langdurig langs de kant. Naarmate de tijd verstrijkt, werkt het stelsel eerder tegen dan vóór hen. Het stelsel is niet effectief omdat er pas actie komt als iemand zonder werk zit. De focus ligt te weinig op het voorkomen van uitval door arbeidsongeschiktheid en werkloosheid, en op de belangrijke rol van het behouden van menselijke kapitaal daarin. Daarnaast: als je als uitkeringsgerechtigde eenmaal een uitkering hebt, ben je afhankelijk van het regime waar je inzit. Het systeem is sterk verkokerd. Er moet dus echt iets gebeuren.’

Ook Erik Dannenberg ziet dat werkgevers te weinig investeren in mensen en menselijk kapitaal. En daar zit een risico in. ‘Mensen met een laag arbeidspotentieel zijn dubbel vatbaar voor de economische conjunctuur. Dat heeft impact op hun werkfitheid.’ Saskia: ‘Mensen die langdurig aan de kant staan, zijn in de ogen van werkgever al snel minder productief. Vaak hebben ze beperkingen waardoor ze niet één op één passen op beschikbare functies. Werkplekken moeten voor hen worden gecreëerd. Werkgevers investeren daarin te weinig, of het is tijdelijk waardoor iemand weer terugvalt op de uitkering.’ De Commissie Borstlap is op dit punt heel helder. Saskia: ‘Koester menselijk kapitaal. Ook als mensen in een uitkering zitten: houd ze werkfit.’

Overheid kan eerder reageren

Joost Bruggeman ziet met eigen ogen wat er anders gebeurt. Het project ‘Basis van de arbeidsmarkt’, is erop gericht om mensen in een uitkering te koppelen aan werkgevers die tekort hebben aan arbeidskrachten, zoals in de ouderenzorg waar bovendien veel ouderen behoefte hebben aan extra aandacht en zorg. Joost: ‘Maar niet iedere werkgever staat te springen om ongeschoold personeel aan te nemen. Ze hebben het vaak al druk genoeg, al wíllen ze vaak wel iemand begeleiden in leren op de werkvloer. Daarom zouden er transitiemiddelen en participatiebudget vanuit de gemeente moeten zijn.’

Erik Dannenberg: ‘Als de arbeidsmarkt als een tierelier draait, gaan werkgevers op zoek naar laagproductieven. Ook bij de overheid gaat het op dat moment goed, en zij zetten zich volop voor die werkzoekenden in. Maar gaat het economisch beroerd, dan zetten werkgevers de laagproductieven er als eerste weer uit. Ook de overheid trekt zich dan weer van hen af, in een tijd dat ze dat juist niet moet doen. In economisch goede tijd komt de overheid weer met allerlei programma’s om de laagproductieven up and running te krijgen. Maar dat start altijd te laat.’

Stimuleer persoonlijke groei

De Commissie Borstlap heeft niet alleen de problemen gesignaleerd, maar komt ook met een aantal aanbevelingen. Ten eerste is het dus belangrijk om mensen werkfit te houden. Saskia: ‘Investeer daarbij in de voorkant. Niet alleen bij mensen die al werkloos zijn, maar zorg dat mensen die nog aan het werk zijn dit fit en vitaal doen. Zorg dat mensen tijdig switchen naar een andere functie of takenpakket als ze overbelast of werkloos dreigen te raken. Zorg voor een individueel onderwijsbudget zodat mensen hun eigen keuzes kunnen maken. Hier ligt een belangrijke, gezamenlijke taak voor gemeenten, UWV en onderwijsinstellingen.’

Verliezen mensen toch hun baan, zorg dan dat ze structuur hebben adviseert de Commissie. ‘Zorg dat uitkeringsgerechtigden zich ’s ochtends ergens melden en vanaf dag één bezig zijn met zaken die hun positie op de arbeidsmarkt versterken. Dat is dus het vergaren en vergroten van kennis, vaardigheden en competenties. Maar net zo belangrijk is dat die zaken persoonlijke groei en talenten stimuleren. De activiteiten die mensen ondernemen moeten aansluiten bij hun interesses, voorkeuren en talenten.’

Ontschotten en maatwerk

Verdere aanbevelingen: ontschot het systeem. Saskia: ‘Koppel de ondersteuning die iemand nodig heeft om tot volwaardige participatie te komen, los van de uitkering die hij ontvangt.’ En zorg voor voldoende middelen, benadrukken zowel Saskia als Joost. ‘Ook voor mensen die op papier honderd procent loonwaarde hebben, moeten middelen beschikbaar zijn om hen goed te laten landen’, stelt Joost. ‘Dat kun je niet alleen van werkgevers verwachten. De ministeries zouden werkgevers hier enorm mee helpen. Als werkgevers zien dat deze investering loont, gaan ze dat over een jaar of twee ook zelf financieren.’

Saskia: ‘Er moet een verschuiving komen van uitkeringsgelden naar gelden voor scholing en activering. Er moeten werkplekken worden gecreëerd voor mensen met werk dat echt bij hen past. Dan komt er ruimte voor maatwerk. Ook moeten we onderzoeken hoe we betaald werk kunnen maken van waardevolle activiteiten die nu blijven liggen. Denk aan ondersteunende activiteiten in zorg en onderwijs.’ De Commissie heeft bouwstenen aangereikt, stelt Saskia. ‘Nu moeten alle stakeholders er samen de schouders onder gaan zetten.  Zo vinden ze een balans tussen alle genoemde punten, voor het creëren van een echt includerend en activerend arbeidsmarktbeleid.’

> Beluister ook onze andere podcasts in de serie Zaaigoed

Podcast #11 Een inclusieve arbeidsmarkt voor iedereen